CARNAVAL

CARNAVAL

Carnaval…
De oude Keltische volken hadden daar al een ritueel van gemaakt. In de Middeleeuwen was het DE gelegenheid om eens volledig van gedaante te veranderen en zo uit de ban te kunnen springen, te brassen en te vrijen, dat men er voor een jaar weer tegen kon. Zelfs de elite en de geestelijkheid (!) werd gepusht om mee te doen. Voor een paar dagen volledig uit het strakke keurslijf stappen, compleet iemand anders zijn en alles op z’n kop zetten. Wat een therapie! Ja ‘dat is het ei-heinde!’

Dat ik duidelijk daarvan iets mis in mijn serieuze Veluwse genen staat onomstotelijke vast. Dat neemt niet weg dat mijn mond openvalt van gedurfde bewondering als ik een Bredase vriendin hoor vertellen – in haar dagelijkse leven is zij een gedistingeerd uitziende top-secretaresse – hoe zij tijdens het carnaval zich vermomt in een sensuele onherkenbare outfit. Met een koffertje gaat ze langs de cafés om de mannen aan te spreken met de vraag of ze misschien wat ‘vuil bloikes’ willen lezen die ze in haar koffertje bij zich draagt. En als de mannen zoiets zeggen als: “Nou vrouwke laat je vuil bloikes maar’s zien”, dan opent ze haar koffertje waaruit allemaal oude bruine boomblaadjes dwarrelen. Hilarisch.

Maar toch…bij tijd en wijlen uit onszelf stappen. Ik denk dat ieder mens daar verlangen naar heeft. Jezelf eens helemaal ontdoen van wie je bent. Wie heeft daar geen behoefte aan?
Moeten we onszelf er niet toe zetten om dan toch maar vermomd en hossend door de straten te deinen met een reuteuteuteu als mantra?

De hemelse voorzienigheid komt ons daarin te hulp, en plaveide voor ons een natuurlijker weg die je én als Brabander en als Veluwenaar en als wie dan ook, kunt gaan: de weg naar binnen.
Oei dat klinkt ineens akelig serieus, saai en braaf in de oren. Allesbehalve carnavallesque. Ja, dat is waar.

Of???
Bedenk eens hoe feestelijk en vrij en licht(!) het voelt om los te komen van degene met wie je een leven lang moet samenleven: met je ingewikkelde, emotionele, neurotische persoonlijkheid. En daar hoef je niet voor te hossen of te drinken. Jezelf bevrijden van je humeuren, je onzekerheden, diepe angsten, je verlangens, je drama’s, je beladen verleden, je verwachtingen, je irritaties, je zorgen om de toekomst, en de vastgeroeste beelden die je hebt over de wereld, je buurman en jezelf?
Zou je ze allemaal niet even als een gordijn opzij willen schuiven? Een feestelijke bevrijding als een bloot en naakt gekleed carnaval naar binnen haha!!

Bhagwan Shree Rajneesh geeft in zijn commentaren op de Tau Teh Tsjing (“Tau”) een rechtstreeks antwoord:
Jij moet verdwijnen. Jij moet weg,
zodat er een schoon niets, een frisse nietsheid overblijft;
dan kan de liefdesbloem pas tot bloei komen.
Het zaad ligt klaar,
maar het ego is steenhard en het zaad kan er niet op ontkiemen…
(Daarom) is het een volkomen andere manier van zijn:
het heeft niets te maken met prestatie,
het heeft niets te maken met leren, moeite doen, oefenen
Er is alleen wat meer waakzaamheid nodig
zodat je ziet wat er vlak voor je is.
De oplossing is nabij,
veel dichterbij dan je denkt.
Zoek haar niet ver weg. Ze leeft in jou.
Zodra je in jezelf tot rust gekomen bent, gecenterd, geaard bent,
geef ik je alle vrijheid,
dan zul je weten wat verrukking is…”

Niemand zijn, want Jij moet verdwijnen…
Hoe doe je dat?
Luister:
Kun je jezelf horen? Kun je jezelf voelen? Vanbinnen?
Luister en voel even goed…er is niets te horen vanbinnen! Ontdek je dat? Er is helemaal niets!
Dan blijft er alleen maar stilte over, een leegte om tot bloei te komen. Een werkelijke verrukking. Jij verdwijnt en Jij bent weg. Het zaad van rust en ruimte ligt daarvoor in de plaats klaar om gezien en gehoord en gevoeld te worden. Werkelijk feest!

Maar je kunt natuurlijk ook zingen: “Annie, hou jij me tassie effe vast.” Want zonder tassie verlies je ook je hele hebben en houwen.

.

Posted in:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*